Sukru siki- de sluipmoordernaar, suikerziekte bij Hindoestanen

| gepubliceerd op

Onder Hindoestanen komt suikerziekte veel vaker voor dan onder autochtonen. Een combinatie van een ongezonde levensstijl (veel, vet eten en weinig beweging) en een erfelijke ziekte is de oorzaak. In Amsterdam loopt nu een speciaal informatieprogramma met danks, muziek, toneel en yoga, in de eigen taal.

‘SUIKER of een zoetje?’ Bewoners van Anand Joti, woongroep voor Hindoestaanse Surinaamse senioren in Amsterdam Zuid-Oost, schuiven aan voor de wekelijkse Indiase theemiddag in de gemeenschappelijke ruimte. Het ruikt er naar cardemon en kaneel; op de achtergrond klinkt Indiase muziek. De ronde koektrommel staat uitnodigend open. ‘Ik drink mijn thee puur en neem altijd een tarwebiscuitje, geen speculaas, want daar zit suiker in,’ verzekert Lygia Shukrula (67). Ze is diabetespatiënt, net als haar twee zussen en ouders. Méér dan de helft van de bewoners van Anand Joti lijdt aan Diabetes Mellitis type II, ook wel ouderdomssuiker genoemd. Suikerziekte -sukru siki in het Surinaams- komt bij Hindoestanen veel vaker voor dan bij autochtonen én op jongere leeftijd. Zo ontdekte bewoner en voorzitter van de stichting Anand Joti, André Bhola (62), toen de kwaal zich een paar jaar geleden ook bij hem openbaarde. Mogelijke oorzaken zijn een combinatie van: erfelijke aanleg, ongezond eten, onvoldoende lichaamsbeweging en stress. ‘Als je eenmaal diabetespatiënt bent, is het belangrijk op tijd je medicijnen in te nemen; ook een gezonde leefstijl is onderdeel van de therapie,’ legt Bhola uit. Veel Hindoestanen hielden zich daar volstrekt niet aan, merkte hij. ‘Nederlandse voorlichting sloeg helemaal niet aan. Folders las men niet.’ Bhola, voormalig aardrijkskundeleraar, is een voortvarend mens. Daar moet wat aan gebeuren, dacht hij. Dat vond ook het Diabetes Informatiecentrum Amsterdam, die naar een manier zocht Hindoestanen beter met voorlichting te bereiken. Men sloeg de handen ineen; de Gemeente Amsterdam en zorgverzekeraar ZAO doneerden geld en zo werd onder leiding van de GG&GD in 1999 een speciaal diabetesproject voor

Hindoestanen gestart. Geen gortdroge saaie informatiepraatjes, maar met Indiase dans, muziek, gezonde hapjes, en yogademonstraties, handig gelardeerd met uitleg over de ziekte, werden Hindoestanen naar informatie-bijeenkomsten gelokt. Daverend succes was het toneelstuk waarbij in snedige dialogen- ‘Hindoestanen houden van toneel’- en passant voorlichting over diabetes werd verstrekt in de eigen taal. Ook in kleinere kring, soms bij een familie thuis, werden en worden nog steeds voorlichtingsactiviteiten georganiseerd. Een soort tupperwareparty’s, verklaart Bhola. Daarnaast werd een aantal Hindoestaanse vrijwilligers opgeleid tot DIP (Diabetes Informatie Post)-er. Bhola heeft sinds kort zijn diploma op zak. Op zes plaatsen in Amsterdam Zuid-Oost is een DIP-er geïnstalleerd. Ook in Anand Joti, daar houdt Bhola spreekuur tijdens de theemiddag. Als ervaringsdeskundige geeft hij informatie over de ziekte, medicijngebruik en gezonde voeding. Die middag is het niet druk; de meeste van zijn medebewoners zijn inmiddels voldoende geïnformeerd. Maar er is nog veel werk aan de winkel, weet hij.

OP DINSDAG is Bhola te vinden in de praktijk van Huisarts Rick Blankendal. Ook patiënten van andere praktijken zijn er welkom. Gemiddeld drie patiënten per week stuurt Blankendal door naar Bhola, nadat hij de diagnose heeft gesteld en medicatie heeft voorgeschreven. Blankendal bevestigt het relatief grote aantal Hindoestaanse suikerpatiënten in zijn praktijk en is blij met Bhola. Blankendal: ‘Ik geef natuurlijk ook voorlichting, maar heb niet veel tijd. André Bhola heeft dat wel, bovendien spreekt hij Sarnami, Hindoestaans, dat is voor de oudere Hindoestanen belangrijk en vertrouwd.’ In de spreekkamer van Bhola hangt een voorlichtingsplaat met daarop een blonde jongeman, maar in de  voorlichtingsfolders figureren Hindoestanen en staan voedselproducten afgebeeld uit de Hindoestaanse keuken: roti, rijst, casave, bak- en kookbananen. Hoe het komt weet hij niet, maar Hindoestanen ontbijten vaak niet, legt Bhola uit. En verder eten ze heel onregelmatig en ongezond. Te veel zetmeel: roti, aardappels, rijst en bonen en weinig groente of fruit. Vooral op de talrijke feesten doet men zich tegoed aan roti’s gevuld met aardappelen. Bovendien wordt er dan overmatig veel gesnoept en bier en frisdrank gedronken. Veelal durft de diabetespatiënt geen ‘nee’ te zeggen als de gastvrouw langskomt en strekt de hand zich als vanzelf uit naar de schaal koekjes. Zelf heeft Bhola zich aangewend één versnapering te nemen, en daarna vriendelijk te bedanken. Suikerziekte is een ernstige aandoening; complicaties als hart- en vaatziekten liegen er niet om. Maar als je veel beweegt, goed en regelmatig eet en je medicijnen op tijd gebruikt, kun je kwalitatief een redelijk leven leiden, houdt Bhola zijn mensen voor. Bhola laat zich geen rad voor ogen draaien. Als blijkt dat de bloedsuikerspiegel te hoog is informeert hij naar het eetpatroon. ‘Je moet goed doorvragen, ook als men zegt zich aan het dieet te hebben gehouden. Ik heb foto’s en laat ze dan porties aanwijzen: “Eet u zóveel of zóveel? En als u brood eet, wat voor brood dan, wit of bruin?”Bruin -vezelrijk- is beter. Tegen de dokter -vaak kijken ze daar tegen op- zeggen ze nog wel eens “Ja dokter, dat doe ik.” Maar als je dan doorvraagt blijkt het anders te zijn.’

ER ZIJN nu plannen voor een voorlichtingsfilm, die in de grote steden op de regionale zenders en ook in Suriname vertoond zal worden. Rudi Sewbalak (59) zal erin mee spelen. Ook hij is patiënt. De ernst van de ziekte wordt onderschat, zegt ook hij. ‘Voorlichting is daarom heel belangrijk. Suikerziekte is een sluipmoordenaar. Maak geen grappen met suikerziekte.’ In de film zullen mythes over de ziekte aan de orde komen.. ‘Heel veel mensen denken dat als ze met vakantie naar Suriname gaan, de ziekte vanzelf over is. Sommigen krijgen in het vliegtuig al een hypo (EdV- aanval). En juist in een warm land als Suriname kun je problemen krijgen met suikerziekte. En medicijnen zijn misschien niet voorhanden. Ik neem zelf altijd drie koffers medicijnen mee.’ Een andere mythe die ontmaskerd moet worden is dat zoete, zetmeelrijke spijzen die tijdens de religieuze diensten in de mandir genuttigd worden, gezegend en dus niet slecht voor de gezondheid zijn. Sewbalak: ‘Ik zeg altijd: God heeft geen tijd voor die flauwekul, die zegt niet dat je één kilo suiker kunt eten!’ Sewbalak speelt in de film een dikke man die voortdurend zondigt. In het werkelijke leven houdt hij zich strikt aan zijn dieet. Toch is zijn buik niet plat. Hij verzucht: ‘Ik ben niet volmaakt. Ik rook niet, ik drink niet, ik eet vegetarisch, alleen beweeg ik niet. Net als veel andere Hindoestanen: die zitten maar voor de tv. Als ik ga bewegen ben ik volmaakt geworden.’ Om die inertie bij veel Hindoestanen te doorbreken ontstond het idee yogalessen te organiseren. Bhola: ‘Veel Hindoestanen zijn vanuit het geloof en boeken vertrouwd met yoga, maar praktiseren doen ze het niet.’ Men snorde een Indiase yogaleraar op; die verzorgt nu sinds een maand lessen in Anand Joti. Zondagochtend. Leraar Anil Sethi, in smetteloos wit, heeft eerst wierook gebrand ‘to clean the atmosphere.’ Hij wisselt Hindi af met Engels en een enkel woord Nederlands. Legt uit welke oefeningen ‘benificial’ zijn voor welke organenen. ‘Deze oefening is goed voor de alvleesklier.’ Bhola is een trouwe bezoeker. Zo ook Kesri Dasai (52). Ik mis geen enkele les, zegt ze. Ze heeft al zeven jaar suikerziekte. ‘Maar ik kan nu niet te lang praten, ik ben een beetje licht in mijn hoofd. Ik moet zo eten.’ Sinds de voorlichtingsactiviteiten is ze zich meer bewust van het belang van lichamelijke oefening, regelmatig eten en goede voeding. ‘Ik kom uit een gezin van 14 kinderen, de helft heeft suikerziekte. Zelf heb ik twee kinderen van in de 30. Ik zeg ze dat ze nu al bloed moeten laten prikken om te kijken of ze suikerziekte hebben. Vroeg ontdekken is beter.’ Sewbalak komt aan het eind van de les even binnenwandelen. ‘Nee, ik ben niet gekomen, ik heb last van mijn rug. Maar volgende week, dan kom ik,’ belooft hij.

Kader

In het AMC is (in samenwerking met de GG&GD) zojuist onder de naam SUNSET een grootscheeps onderzoek gestart naar gezondheid van Surinamers (onder anderen Creolen en Hindoestanen) in Amsterdam, waarbij ook de stofwisselingsziekte Diabetes Mellitis type 2 wordt onderzocht. Uit een rapport van de GGD Den Haag/Thuiszorg Den Haag blijkt dat die ziekte onder Hindoestanen vele malen vaker voorkomt dan onder autochtonen. Dat vermoeden bestaat ook voor hart- en vaatziekten. Arts/ onderzoeker Navin Bindraban: ‘Onderzoek uit het buitenland laat zien dat mensen wiens voorouders uit voormalig Brits-Indië (zoals Hindoestanen) en Afrika (zoals Creolen) komen, wereldwijd hogere kans hebben op hart- en vaatziekten. Een combinatie van erfelijke aanleg en omgevingsfactoren zoals een ongezonde leefstijl spelen een belangrijke rol bij dit complexe ziektebeeld. Diabetes en hart- en vaatziekten hebben veel met elkaar te maken. Driekwart van de diabetespatiënten overlijdt aan hart- en vaat ziekten. Als je de bloedsuikerspiegel goed kunt reguleren dan kun je de kans op complicaties als hart- en vaatziekten voorkomen.’ Een gezonde leefstijl is onderdeel van de behandeling van zowel hart- en vaatziekten als diabetes. Vandaar dat het onderzoek breed is opgezet. Naast een medisch onderzoek is er een uitgebreide enquête, waarbij wordt gevraagd naar gezondheid, leefomstandigheden, roken, alcoholgebruik, voeding en beweging. Bindraban: ‘De onderzoeksgegevens zullen meer inzicht geven in de gezondheid van de Surinaamse bevolking waardoor voorlichting gerichter en zorg op maat kan worden gegeven.’ In Amsterdam is een op de tien inwoners van Surinaamse afkomst. Na de zomer start de GG&GD Amsterdam een opleiding voor Surinaamse voorlichters Hart- en vaatziekten.

Ellen de Vries

Trouw dinsdag 26 juni 2001